Keutenberg

Bed and Breakfast en Ecotuin


Tuinblog


2019-4. Daslook (Allium ursinum)
April en mei is de maand om te genieten van de daslook. Het is een plant die in het wild vrij zeldzaam is en het liefst groeit in schaduwrijke loofbossen met een humusrijke, vochtige, kalkhoudende ondergrond. Zuid Limburg is een geliefde plek voor deze plant. In onze tuin is het een mooie bodembedekker voor schaduwrijke plekken o.a. in ons 'tiny food forest. 


Wanneer de eerste blaadjes boven komen, moet je nog even wachten totdat ze groot genoeg zijn om te plukken. Pluk niet alles weg maar hier en daar een blaadje.


Van deze blaadjes kun je heerlijke pesto maken met ingrediënten uit je eigen tuin aangevuld met gekochte producten. Wij maken de pesto van onze ingemaakte kornoelje en gedroogde walnoten aangevuld met kaas en olijfolie. 
Het recept:
-   80 gram daslook
- 160 gram kaas
- 120 gram walnoot
- 120 gram kornoelje, mag ook groene olijven zijn
- ongeveer 6 cl olijfolie


De bloemknoppen zijn heerlijk om te frituren, Wanneer je een knop plukt die al een beetje open staat, springt deze in de frituurpan helemaal open. Het best is gesloten knoppen te gebruiken. De bloemknoppen zijn ook heerlijk in een salade.


De daslook heeft een sierlijke bloem, mooi om in een vaasje te zetten maar ook heerlijk in een salade.



2019-3. Grootvruchtige kornoelje (Cornus mas Jolico)
Een beschrijving van een, in maart en soms al einde februari, bloeiende veelzijdige struik die enerzijds erg fraai is en anderzijds mooie producten oplevert. Een aanwinst in iedere tuin.

 


De kornoelje is een vroege
 bloeier en een gemakkelijk te houden struik. Vanaf begin maart en soms al einde februari zijn de mooie gele bloempjes al te bewonderen. De struik is dan één grote bloesempracht, de blaadjes komen pas na de bloei tot ontwikkeling. De bestuiving vindt ook plaats door de wind, maar op relatief warme dagen willen insecten zich wel tegoed doen aan het voedsel in de bloempjes. Langzaam ontstaan na de bevruchting kleine  vruchtjes die eerste als kleine groene bolletjes uit zien. 


De onrijpe groene vruchten lijken erg veel op olijven en ze hebben ook een vergelijkbare harde pit in de kern. Ze worden in augustus, als ze zo ongeveer hun grootste formaat gekregen hebben, groen geplukt om ze te conserveren. Dat doe je door ze drie maanden te pekelen zoals je dat ook met olijven doet. Daarna kun je ze bewaren op een zoetzuur vocht zoals dat ook bij augurken gebeurt. Dit idee komt uit 'Het grote wildplukboek' van Edwin Florès (ISBN 9789461561060). We doen dit al een aantal jaren met groot succes en veel smaak.


In september kleuren de vruchten rood en worden ze langzaam zuur en zacht. Om te pekelen zijn ze niet meer goed omdat ze dan uit elkaar vallen. Wanneer de vruchten super rijp zijn worden ze donker rood en minder zuur. Hoe rijper des te zachter van smaak. Het beste kun je de gevallen vruchten gebruiken om ze te conserveren. We maken er confituren en siroop van. Vruchten, inclusief pit, geruime tijd koken (een centimeter water op de bodem om aanbranden tegen te gaan). Daarna kun je ze in een vergiet boven een kom goed uitdrukken, sap en vruchtvlees vang je dan op. Confituren kun je met of zonder vruchtvlees maken, voor sap zeven we het vruchtvlees er uit. Je kunt eventueel het product nog indikken zodat het meer geconcentreerd wordt. Tot slot doe je suiker naar smaak erbij.


De grootvruchtige kornoelje (Cornus Mas Jolico) is in onze Tiny Food Forest een aanwinst. Je ziet op de foto hieronder de bloeiende struik boven de confituren pot. 
Eerst genieten van de bloemen, daarna van de producten van de vruchten het hele jaar door.



2019-2. De zoete aardappel (Ipomoea batatas)


Een beschrijving over het kweken van de zoete aardappel die Ecotuin Keutenberg vanaf februari 2018 tot februari 2019 heeft toegepast.


Op 11 februari 2018 hebben wij voor de eerste keer de zoete aardappel gekocht. Volgens kenners paste het ras Tainung 65 het beste in ons klimaat. Na ruim een maand (25-03) boven de verwarming in een potje met aarde te hebben gestaan kwamen de eerste scheuten tevoorschijn. Deze scheuten hebben wij afgeknipt (12-04) en in water gezet voor de wortelvorming.



De wortelvorming gaat vrij snel zodat de jonge scheuten in een eigen potje met aarde gezet kunnen worden. Ze zijn de volle grond in gegaan nadat er geen vorst meer voorspeld werd en de bodem voldoende was opgewarmd. Als experiment hebben we enkele planten tijdens de groeiperiode als bodembedekker gebruikt en andere opgebonden. De planten die opgebonden waren leverden meer zoete aardappels op.

 


Het volgende experiment in het najaar 2018 was om te proberen van eigen oogst nieuwe scheuten te trekken voor 2019. Vier zoete aardappels zijn hiervoor geselecteerd: 2 grote en 2 kleine. Deze hebben 10 dagen op 27 graden in ons kweekkastje met een bakje water gestaan. De luchtvochtigheid is zeer belangrijk, de schil van de zoete aardappel is zeer kwetsbaar. Na deze 10 dagen hebben wij de zoete aardappels, ieder apart, in een krant gewikkeld. Daarna in een doos met een appel erbij in een donkere koele kelder gezet.  



Op 26 januari 2019 zijn de zoete aardappels uit de kelder gehaald en wederom in een potje met aarde boven op de verwarming gezet. Op 19 februari waren de eerste scheuten op de dikke zoete aardappels groot genoeg om ze af te knippen. 
Bij de kleinere is nog geen scheut boven de grond. Bij de kleinere zoete aardappels kwamen ze later.


De afgeknipte scheuten (19 februari 2019) staan nu in het water voor wortelvorming.
Zo is de cirkel rond.